Op 22 maart vond Kroeg & Roem over de (on)zin van gemengde wijken plaats. Het was een gezellige en inspirerende bijeenkomst waar maar weer eens uit bleek hoe divers de meningen over dit thema zijn. Hoe maakbaar is de gemengde wijk eigenlijk?

De kroeg is een cruciaal onderdeel bij Kroeg en Roem. En bij dit thema hadden wij geen betere kunnen kiezen. Buurtcafé de Molleboon is niet zomaar een café, maar ook een buurthuis dat wordt bestierd door vrijwilligers, zo vertelt barman Victor ons. Een clubhuis voor de buurt waar iedereen welkom is. Een mooie gedachte, zo aan het begin van ons programma.

Historicus en Amerikanist Maarten Zwiers geeft de aftrap met een verhaal over ‘ the other side of the tracks: segregatie in de VS’. Hij toont ons het uiterste voorbeeld van de niet-gemengde wijk, met alle gevolgen van dien. In de VS hebben slechte wijken vaak nauwelijks voorzieningen. Er gaat geen openbaar vervoer naartoe en de bewoners hebben vaak geen auto. Maar het is niet alleen fysiek moeilijk om je uit de wijk te verplaatsen. Ook de kansen die je hebt worden veelal bepaalt door de wijk waarin je woont.
In Nederland is de situatie gelukkig minder extreem, maar desalniettemin geeft het verhaal van Zwiers wel stof tot nadenken voor de aanwezige volkshuisvesters, beleidsmakers en wijkprofessionals.

Dan is het woord aan Jan Dirk Gardenier van CAB. Hij is duidelijk geen voorstander van de gemengde wijk, zo blijkt al uit het begin van zijn betoog: ‘Jij wordt niet waar je woont, maar je komt te wonen wie je bent.’ Hij vindt gemengde wijken een sociologenprobleem. Gardenier is ook geen tegenstander van gemengde wijken, hij erkent dat gesegregeerde wijken ook niet goed zijn. Volgens Gardenier ligt het probleem bij het verschil tussen organisch gegroeide wijken en bewust gemengde wijken. Die laatstgenoemde juist voor meer verschillen en wantrouwen tussen de bewoners, aldus Gardenier. Hij stelt dat er geen beste optie is. ‘Het is belangrijk om om te gaan met mensen waar je je goed bij voelt, of die nu in je wijk wonen of niet’.

Ook volkshuisvester Rob Hoogeveen is geen onverdeeld voorstander. ‘Zijn gemengde wijken volkshuisvestelijk niet passé?’, zo vraagt hij zich af. Volgens Hoogeveen is de tijd van Gij Zult Participeren wel voorbij. Mensen gaan toch vooral om met mensen die hetzelfde zijn als zij. Wel ziet Hoogeveen steeds meer verdeeldheid in de samenleving, veroorzaakt door onder andere werkloosheid en geldgebrek. Dáár ligt volgens hem de taak voor woningcorporaties: in het betaalbaar houden van wonen. Schop mensen er niet meteen uit als ze de huur even niet kunnen betalen, maar sta ze bij.

Volgens Hoogeveen is de wijk vooral een bestuurlijke eenheid. ‘Ik heb niets met mijn wijk. Misschien met mijn straat, maar verder niet.’ Dit wordt beaamt door de aanwezige bezoekers. ‘Maar’ , zo wordt gesteld, ‘aan de onderkant van de samenleving zijn sociale verbanden minder sterk. Mens hebben geen auto of fiets, dus de buurt wordt belangrijker’.
Iedereen is het er wel over eens dat sociale cohesie belangrijk is. Maar of dat gecreëerd kan worden door de maakbaarheid van de gemengde wijk? Daarover verschillen de meningen. Vanuit de bezoekers worden er diverse suggesties aangedragen om wel sociale cohesie in een wijk te creëren, bijvoorbeeld een door de gemeente gefaciliteerde buurtBBQ of één goede school in de wijk, waar alle bewoners hun kind naartoe kunnen sturen en op die manier met mensen die een andere achtergrond hebben in aanraking komen.

Dé perfecte formule voor de gemengde wijk hebben we dus niet gevonden. Wel was het een gezellige bijeenkomst waarbij van alle kanten veel input werd geleverd. Soms is het gesprek aangaan belangrijker dan een oplossing vinden, en deze bijeenkomst bleek daar maar weer eens een voorbeeld van. Roeg & Roem kijkt uit naar de volgende keer, dan misschien met een buurtBBQ?

Volgens Annemarie bereik je dingen samen. Ze brengt mensen bij elkaar, om samen creatieve oplossingen te verzinnen. Annemarie voelt zich betrokken bij de Noordelijke Roemte en gaat graag op verkenningstocht. Dit doet ze ook in het Universiteitsmuseum, waar ze kinderen enthousiasmeert en inspireert voor natuur en wetenschap. Bewonersparticipatie en duurzaamheid gaan haar vooral aan het hart.

Bekijk al onze bloggers