Ingemarit van der Wal werkt bij MindUp. Onderdeel van GGZ Friesland dat mensen met een psychiatrische stoornis of psychosociale problematiek begeleidt. De overheid wil graag dat zoveel mogelijk mensen zelfstandig wonen. MindUp probeert de weg naar zelfstandigheid zo goed mogelijk te begeleiden maar ziet ook dat deze niet voor iedereen is weggelegd. Roeg & Roem interviewde haar naar aanleiding van ‘Iedere gek zijn plek’. Een workshop over de grote uitstroom uit beschermde woonvormen. Door de knip tussen wonen en zorg waardoor mensen die de regie kwijt zijn over hun leven soms tussen wal en schip belanden. Lees hier meer over de Huisvesting Trilogie.

Schrijf je hier in voor de huisvestings trilogie #3!

Hoe is de situatie op dit moment?

‘Er is afgesproken dat er eenderde van de bedden moet worden afgebouwd de komende jaren. Dat betekent dat we voor een groot aantal mensen geen beschermd wonen meer kunnen bieden. Mensen met psychische problemen moeten doorstromen naar zelfstandige woningen waar ze minder intensieve begeleiding krijgen. De gemeente onderschat soms de complexiteit van de cliënten die soms tientallen jaren in een klinische setting verbleven en nu de stap naar zelfstandig wonen maken. We mogen nu nog maximaal anderhalf jaar begeleiding geven, maar als je realistisch bent dan zijn er mensen die altijd begeleiding nodig blijven hebben. Mensen krijgen nu twee keer in de week een half uur of een uur begeleiding maar in de praktijk is dat vaak niet genoeg.’

“De eerste week zijn cliënten heel trots op hun nieuwe huisje. Maar na een week realiseren zich dat ze er nu alleen voor staan.” Ingemarit van der Wal van MindUp

Vinden de cliënten die jullie begeleiden het fijn om zelfstandig te wonen?

‘Eigenlijk wil bijna iedere cliënt op den duur wel een eigen huisje hebben. Het ideaalbeeld van een eigen woning, een eigen huishouden dat klinkt heel erg aantrekkelijk, ook voor mensen met psychische problemen. De eerste week zijn ze dan ook heel trots op hun nieuwe huisje. Maar na een week is de trots weg en dan staan ze er alleen voor. Juist dan is intensieve begeleiding belangrijk om de cliënt te ondersteunen in dat herstelproces.’

En dan?

‘Het kan grote gevolgen hebben wanneer mensen zelfstandig gaan wonen terwijl ze daar nog niet klaar voor zijn, dat levert veel schade op. De cliënt, die al hard genoeg moet werken om een beetje mee te kunnen komen in onze hectische samenleving, kan met een slechte ervaring de hoop en het vertrouwen verliezen dat herstel mogelijk is. En de buurtbewoners krijgen een bevestiging op hun vooroordelen over psychiatrische patiënten. Juist dat stigma werkt herstelbelemmerend.’

“Het levert veel schade op wanneer mensen zelfstandig gaan wonen terwijl ze er nog niet klaar voor zijn.” Ingemarit van der Wal van MindUp

Hoe zou je dit kunnen voorkomen?

‘Door nauw samen te werken met de gemeente en woningcorporaties moet er vertrouwen ontstaan. Dat kost tijd, de nieuwe wetgeving is nog maar anderhalf jaar geleden van start gegaan. Gemeente stuurt aan op afbouw en kortingen, omdat ook hun budgetten worden gekort. Wij richten ons volledig op het herstelproces. We hebben geen belang bij onnodig lang begeleiden van mensen in beschermde woonvorm. Maar we kunnen het herstelproces niet zodanig versnellen dat iedereen zelfstandig verder kan.’

En wat kunnen jullie wel doen?

‘Wij willen bewoners in de wijk er veel meer bij gaan betrekken. Onze cliënten moeten ergens veilig kunnen landen en zich welkom voelen. Het mooiste zouden we het vinden dat mensen uit de buurt ook vrijwilligerswerk bij ons komen doen. Zo leren ze de cliënten zelf kennen en zullen ze minder angstig zijn. Eén van de grote uitdagingen van de GGZ is het terugdringen van het stigma dat er bestaat over onze doelgroep. Daar ligt echt onze opdracht. Dat is wel een uitdaging, want onze cliënten zijn vaak mensen met ingewikkelde problematiek. Iemand met een verstandelijke beperking zal veelal dankbaar zijn als je hem helpt, maar dat heeft onze doelgroep veel minder. Gelukkig zijn er ook heel veel positieve verhalen, die willen we meer naar buiten brengen.’

“Één van de grote uitdagingen van de GGZ is het terugdringen van het stigma dat er bestaat over onze doelgroep.” Ingemarit van der Wal van MindUp

Kun je een voorbeeld noemen?

‘Onze cliënten zijn doelgericht aan het werk om hun problemen te overwinnen. Na een periode bij MindUp, waarbij ze arbeidsvaardigheden op doen, vinden mensen soms weer een baan. En als ze werk hebben, zijn financiële problemen op te lossen, waardoor een eigen huishouden weer dichterbij komt. Dagbesteding heeft een olievlek effect. Iemand die bij MindUp werkt, leert dingen te maken, leert op tijd te komen, er schoon uit te zien. Als ze dan bij de familie langsgaan op een verjaardag, hebben ze iets om te geven, iets dat ze zelf hebben gemaakt. Normaal komen ze altijd met lege handen, vaak ook nog eens te laat.’

“Mensen uit de wijk moeten ons makkelijk kunnen vinden en aan de bel kunnen trekken als er iets mis gaat.” Ingemarit van der Wal van MindUp

Zien jullie al goede ontwikkelingen?

‘Wijk-teams zijn een goed begin. Zij komen bij de mensen thuis. Als ze bijvoorbeeld al hier langskomen en een relatie opbouwen met een cliënt voordat hij de wijk in gaat, dat kan heel veel schelen. Daarnaast moet het lijntje naar de GGZ kort zijn. Mensen uit de wijk moeten ons makkelijk kunnen vinden en aan de bel kunnen trekken als er iets mis gaat. Dan moeten wij er snel kunnen zijn. Op de werkvloer weten mensen elkaar steeds beter te vinden. Hierdoor ontstaat wederzijds begrip voor de opdrachten die we gezamenlijk hebben.’

Wat is de grootste uitdaging?

‘Mensen met psychische problemen hebben vaak weinig financiële middelen en komen daarom snel in een sociale huurwoning in een kwetsbare wijk terecht. Op deze wijken komt een enorme druk te staan. Het zijn niet alleen mensen met psychische problemen, maar ook statushouders of geestelijk gehandicapten. Voor iedereen is nog steeds een apart loket. Een oplossing zou kunnen zijn om meer te combineren. Dit hebben we bij de vorige asielzoekersstroom in Sneek gedaan en dat was een groot succes. Cliënten leerden zich meer in te leven en zagen dat het toch wel heel erg was wat de vluchtelingen hadden mee gemaakt. Aan de andere kant leerden de asielzoekers de taal en konden ze meedoen aan de dagbesteding, waar ze ook een steentje kunnen bijdragen.’

Merel is altijd op zoek naar manieren om het beste in elkaar naar boven te halen. Want het is daar waar mensen elkaar ontmoeten dat er iets bijzonders kan ontstaan. Het zijn dan ook niet haar studies filosofie en journalistiek waar ze het meest van leert maar de plekken waar ze komt en de bijzondere mensen die ze daar spreekt. Met veel plezier is ze sinds 2016 projectleider bij Roeg & Roem

Bekijk al onze bloggers