geschreven door: dr. Carina Wiekens

Wie wil er nu niet een woning die op jaarbasis voldoende energie opwekt om aan de vraag te voorzien? Toch valt er nog flink wat te verbeteren aan het Nul op de meter concept en proces. Voorlichting, communicatie en verwachtingsmanagement zijn een aantal verbeterpunten die Dr. Carina Wiekens, onderzoeksleider Energie & Gedrag aan de Hanzehogeschool Groningen, in het eerste deel benoemde. In deel 2 kijken we vooruit. Nul op de meter kán beter. Lees verder voor een aantal handvatten.

Wat werkt dan wel?

De op deze website genoemde coaches en ambassadeurs bijvoorbeeld, maar dan moeten ze wél “goed” zijn. Goede coaches moeten aan kunnen sluiten bij de doelgroep, bij de motieven van de bewoners en bij hun zorgen en wensen. Geen sinecure en bovendien is deze een-op-een aanpak vrij duur. Goede ambassadeurs vind je eveneens niet zomaar: De voorlopers die je meestal kiest, zijn niet altijd de mensen die gemakkelijk aansluiten bij de meerderheid en het risico is dat ze geen aansluiting vinden met de rest van de groep of met de mensen die je graag wilt bereiken. Een goede ambassadeur is dan ook iemand die invloed heeft en die interesse genoeg heeft om in je verhaal meegenomen te kunnen worden. Bovendien moet deze persoon bereid zijn om als ambassadeur op te treden. Maar heb je een dergelijk persoon gevonden, al dan niet toevallig, dan kun je gezamenlijk veel bereiken!

Van losse huishoudens naar een sociale groep

Een mogelijkheid waar we op dit moment mee aan het experimenteren zijn, is dat je de bewoners niet als individuen of als losse huishoudens beschouwd, maar als sociale groep. Aangezien je iets wilt bereiken bij meerdere mensen die bovendien relatief dichtbij elkaar wonen, kun je ze als groep in plaats van als geheel van losstaande huishoudens beschouwen. In dat geval denk je al snel niet meer aan een op een contacten, aan informatiefolders die je bij huishoudens in de brievenbus gooit, of aan informatie avonden waarin informatie over bewoners die op komen dagen wordt uitgestort, maar eerder aan groepsgerichte interventies gericht op rolvervulling (Wie in deze groep zou welke rol het best in het proces in kunnen nemen?) en elkaar helpen (bewoners zitten in dezelfde situatie en kunnen elkaar helpen het proces zo prettig mogelijk te laten verlopen). Voordeel van deze interventies zijn dat ze kunnen leiden tot meer cohesie in de buurt die het betreft, dat er uiteindelijk minder inzet nodig is van bijvoorbeeld de woningcorporatie en, als het goed is, tot tevreden bewoners.

Gebruik het kapitaal in de wijk

Hoe ziet zoiets er concreet uit? Stel bijvoorbeeld dat er in een buurt een vrij nieuwe techniek wordt toegepast en dat we uit ervaring weten dat het uitrollen ervan hier en daar tot problemen zal leiden. Stel ook dat er een bewoner gevonden kan worden genaamd Piet die veel interesse in het onderwerp heeft en bovendien graag mensen met zijn kennis helpt. Piet is wellicht niet de meest sociaal handige persoon die er in de buurt rondloopt, maar daar is Evert juist weer heel handig in. Evert vormt de spin in het web: Bij hem komen mensen sowieso al snel wanneer ze problemen hebben, dus ook als ze problemen ervaren met deze nieuwe techniek. Evert kan Piet inschakelen (Piet heeft bovendien van een installateur een meer uitgebreide uitleg ontvangen en heeft hier en daar ook meegeholpen). Indien Piet het kan oplossen, is een telefoontje naar de woningcorporatie bespaard gebleven, zijn Piet en Evert wellicht blij dat ze een gezin uit de brand geholpen hebben en is het gezin blij met zoveel hulp in de directe omgeving. Indien Piet het niet eenvoudig kan oplossen, kan Evert alsnog de juiste persoon bellen die het wel kan verhelpen.

Gezamenlijk inzicht in energieverbruik

Een tweede voorbeeld. Waarom zou je in ieder huis een aparte EMS plaatsen? Door een actie als Speur de Energieslurper in dorpen te testen, hebben we bijvoorbeeld geleerd dat op een relatief eenvoudige en vooral ook leuke wijze, veel meer inzicht in het energieverbruik gekregen kan worden als mensen het gezamenlijk doen. Op het moment dat er al wat inzicht is, kan het zelfs zijn dat een EMS vervolgens over langere tijd impact kan hebben.

Vanuit de overtuiging dat mensen sociale wezens zijn die het over het algemeen prettig vinden om samen op te trekken en elkaar te helpen, zetten wij ons geld hier de komende jaren op in.

Nul op de meter, wat kan er beter

Bovenstaand artikel werd geschreven naar aanleiding van het door Roeg & Roem georganiseerde Spitsuurtje Nul op de meter, wat kan er beter. Drie maal kwam een groep gedreven en betrokken mensen van verschillende partijen bijeen om ervaring en kennis uit te wisselen over dit onderwerp. Benieuwd naar de uitkomsten? Lees meer over Spitsuurtje #1, #2 en #3.

Volgens Dien maak je plannen niet achter je bureau. Daarom gaat ze graag op pad om te horen en zien wat er speelt in de noordelijke roemte. Ze heeft haar eigen studio voor sociaal ruimtelijke vraagstukken en werkt sinds 2015 als projectleider bij Roeg & Roem. Dien verbindt en prikkelt en denkt graag buiten gebaande paden.

Bekijk al onze bloggers